Romeinen in Valkenburg (ZH)

Aan het Castellumplein 1A ligt het torenmuseum Valkenburg.  De toren is tegen een kerk aangebouwd, maar is eigendom van de gemeente en niet van de NH-kerkgemeenschap.  Valkenburg is sedert 1 januari 2006 onderdeel van de gemeente Katwijk en Rijnsburg en had behoefte aan het vastleggen van een stuk eigen identiteit, teruggrijpend op de Romeinse geschiedenis van dit gebied.
Het torenmuseum in Valkenburg (ZH) toont de opgravingsgeschiedenis van Praetorium Agrippinae. Een Romeins castellum, kampdorp en grafveld worden aan de hand van het archeologisch onderzoek belicht.

Romeinse munten

Op de tweede en derde verdieping is een permanente expositie ingericht die de bezoeker deze fascinerende opgravingsgeschiedenis toont. In de zeventiende eeuw worden al de eerste vermeldingen gedaan van vondsten van Romeinse muntenen bouwmaterialen door Joachim Oudaan.Is de vondst van een munt met de afbeelding van Caligulaeen aanwijzing voor de stichting van een fort tijdens zijn leven?

Archeoloog Albert Egges van Giffen

Albert Egges van Giffen (1884 – 1973) is een jonge archeoloog uit Groningen. In 1914 passeert hij tijdens een fietstochtje met zijn nichtje, het dorp Valkenburg.  Hij constateert dat de dorpskern hoger ligt en dat dit een woerd of terp zou kunnen zijn.  Deze observatie doet hem besluiten, om een vooronderzoek te doen door grondboringen en enkele proefgaten te graven. Het rapport met zijn bevindingen en vondsten worden aan het Rijksmuseum van Oudheden overhandigd, waar hij op dat moment in dienst is. Dit leidt echter niet tot verder onderzoek door het museum, waarschijnlijk vanwege persoonlijke conflicten met de directeur.

In 1922 worden de eerste opgravingen verricht door de archeoloog A.E. Remouchamps in dienst van het RMO. In de telegraaf van 4 februari 1925 noteert hij het volgende: (…)“Een onderzoek dat ik ondertusschen had ingesteld op de Woerd bij de hofstede Torenvliet, bracht een zóó groote hoeveelheid Romeinsche cultuurresten van allerlei aard voor den dag, dat de aanwezigheid aldaar van een Romeinsche nederzetting van groote beteekenis heel waarschijnlijk leek. En de opgravingen die ook de laatste jaren konden worden voortgezet, brachten niet alleen nieuwe steun voor deze meening, maar leverden gegevens die erop wijzen, dat wij met een legerplaats te doen hebben;”

Graven tijdens de bezetting

Op 10 mei 1940 valt het Duitse leger Nederland binnen en raakt een groot deel van de dorpskern van Valkenburg, door de gevechtshandelingen, zwaar beschadigd.De Rijkscommissie voor het oudheidkundige bodemonderzoek ziet in 1941, kansen voor onderzoek omdat de ruïnes zijn opgeruimd.In april 1941 starten van Giffen en Hendrik Brunsting het veldwerk. Het duurt niet lang of resten van het castellum worden gevonden. Van Giffen concludeert uiteindelijk dat er niet drie maar zelfs zes forten moeten hebben bestaan. Het oudste houten fort werd rond 40 n. Chr.geconstrueerd.  De Romeinse grensbewaking zal tot 260 n. Chr.  gehandhaafd blijven.

Opgravingsgeschiedenis

De expositie start met een introductie over de opgravingen en het fort als onderdeel van de Romeinse verdedigingslinie, de Limes.  Onderdelen van de uitrusting van de soldaten laten iets zien over het dagelijkse leven van de grensbewakers. Nieuw archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat er zeven forten moeten hebben gestaan.  In het trappenhuis hangen een paar fraaie schoolplaten, die een romantisch beeld geven van de Romeinse grensbewoning en hun relatie met de inheemse bevolking met als titels: Komst van de Romeinen hier te lande, De Romeinen in ons land, Een Romeinse legerplaats aan de Rijnmond (Valkenburg).Deze laatste plaat die door Johan Herman Isings in begin jaren 50 werd gemaakt, krijgt de onderwijzer ter ondersteuning, een handleiding:

“Met het doordringen van de Romeinen naar deze streken daagde ook hier het licht der historie. Bijna vier eeuwen lang stonden deze lage landen in meerdere of mindere mate onder de beïnvloeding van het Romeinse wereldrijk. De met stenen muren, poorten en torens omsloten legerplaats – castellum- vormt, dicht bij de binnenste duinrand, de afsluiting van een zwaar versterkte linie langs de Oude Rijn. Het castellum ligt op de linker Rijnoever aan de grens van een landstreek die door de Cananefaten bewoond is. Wie door de poort, die voor ons ligt, binnen gaat, ziet links van de weg een groot gebouw: de principia, het hoofdkwartier.”

 

Dood door lood?

De expositie wordt vervolgd met informatie over de Cananefaten, wonen aan het water en de doden van het Marktveld.  Tussen 1985 en 1988 werden voor de aanleg van N206 opgravingen gedaan, die o.a. een grafveld uit de Romeinse tijd aan de vergetelheid ontrukte.  De vondst van 700 graven, waarvan 400 gecremeerde doden, maar ook 145 onverbrande doden, waarvan 114 babyskeletten stelden de onderzoekers voor een groot raadsel.  Was hier sprake van kindermoord of ziekten?

Het onderzoek van een forensisch toxicoloog leverde echter een verrassend nieuw inzicht op. De baby’s hadden een loodconcentratie in hun botten, die 50 hoger was dan,baby’s van nu. Waarschijnlijk hadden de baby’s via hun moeders het giftige lood binnengekregen, omdat defructum of sapa, (geconcentreerd druivensap) aan allerlei etenswaren werden toegevoegd om de houdbaarheid te verlengen.  In het midden van de ruimte is een grote tafel ingericht met een verhaal over het eten dat de Romeinen nuttigden.  De Romeinen hebben onze keuken verrijkt met prei, ui, andijvie, veldsla, maggiplant en walnoten.

Castellumplein

Direct buiten het museum is op het plein, de omtrek van de toegangspoort met grijsachtig steen in de bestrating opgenomen. Tevens zijn er met bronzen wegdeknagels, de contouren van het castellum te volgen. 

Helaas dient het plein als parkeerplaats waardoor de contouren niet altijd goed te zien zijn.  Er is inmiddels een nieuw informatiebord van de Limes geplaatst, maar er ligt ook nog een oude bronzen plaat met uitleg op het plein. Bij een herinrichting van het plein zou ik willen pleiten voor het plaatsen van een verhoogde bronzen infotafel.

 

Auteur: John Fitzgerald Hagen

Meer lezen:

De Romeinen in Valkenburg (ZH). De opgravingsgeschiedenis en het archeologische onderzoek van Praetorium Agrippinae. Auteur: A. de Hingh en W. Vos. Jaartal: 2005. Uitgever: Hazenberg Archeologie Leiden. ISBN 90 8085 344 5

https://www.delpher.nl/

https://www.romeinselimes.nl/locatie-overzicht/289485416/torenmuseum-valkenburg

VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 0.0/10 (0 votes cast)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *