«

»

Tradities tot in de dood. Onderzoek naar Romeinse grafvelden

Iedere gemeenschap kent zijn eigen tradities en gewoontes in de omgang met de doden. Omdat deze vaak onveranderd generatie op generatie worden doorgegeven zijn juist veranderingen hierin van grote betekenis en de moeite waard verder te onderzoeken. Dit is dan ook het onderwerp van mijn afstudeerscriptie geweest en dit artikel laat kort zien wat uit dat onderzoek naar voren gekomen is.

Cultureel contact

In de archeologie zijn overnames van producten of gewoontes uit een andere cultuur een interessant fenomeen, ze zijn immers indicator van het feit dat er een bepaalde mate van contact met andere culturen is geweest. Dit zou indirect door bijvoorbeeld lange afstandshandel kunnen zijn maar ook meer direct door overname van gebieden door een niet-inheemse macht, groep of stam. Om dit soort contacten te kunnen vaststellen zijn grafvelden een goede informatiebron gebleken. Wanneer er veranderingen in de meestal stabiele tradities rondom de omgang met de doden plaatsvindt is dat namelijk een indicator dat er intensiever contact met en/of uitgebreidere kennis van een andere cultuur moet zijn geweest.

Tien grafvelden onder de loep

Om dit nader te kunnen onderzoeken zijn er voor deze scriptie tien grafvelden geselecteerd die uitgebreid onderzocht zijn. Het betreft grafvelden uit de Romeinse provincie Germania Inferior uit de eerste drie eeuwen n.Chr. Deze periode is gekozen omdat in 85 n.Chr. de consolidatie van de provincie plaatsvond. De selectie van de grafvelden vond plaats op basis van verschillende factoren zoals de locatie en aard van het veld en of er een degelijke publicatie van de site beschikbaar was. Daarnaast lag er een persoonlijk interesse bij de regio Nijmegen, omdat ik daar ben opgegroeid en me zo verder kon verdiepen in het Romeinse verleden van deze streek. De verwachting is dat er een in toenemende mate aanwezigheid van een Romeinse cultuur zal zijn geweest in de voorheen nog inheemse gebieden. Per grafveld is gekeken welke graven geschikt waren voor het onderzoek en deze zijn onderzocht op diverse factoren: van de omgang met de dode (begraving of crematie), tot en met de grafgiften die zijn aangetroffen in het graf.

De volgende grafvelden zijn onderzocht: – Hatert, Gelderland. Ruraal. – Tonisvorst, Vorst, Duitsland. Ruraal. – Tiel, Gelderland. Ruraal. – Cuijk-Fidelis, Noord-Brabant. Militair. – Cuijk-Nutricia, Noord-Brabant. Militair. Hoort bij het Cuijk-Fidelis grafveld. – Hengstberg, Nijmegen, Gelderland. Militair. – Schebbelaarseveld, Nijmegen. Ruraal. – Noviomagus, Nijmegen. Urbaan. – Sperwerstraat, Nijmegen. Urbaan. Hoort bij het Noviomagusgrafveld. – Molenberg, Nijmegen. Ruraal.

Grafvelden in Changing Customs

Kaart selectie grafvelden in Changing Customs.
Bewerking afbeeldingen uit Bridger 1996, Das römerzeitliche Gräberfeld, 9 en Woolf 1998, Becoming Roman, Map 2.

Om inzicht te krijgen in de ontwikkelingen in de grafgewoontes door de drie eeuwen heen is er gewerkt met fases, met de volgende indeling:

  • Fase 1: 10-85 n.Chr.
  • Fase 2: 86-150 n.Chr.
  • Fase 3: 151-270 n.Chr.

Als markering voor het einde van de eerste fase is de consolidatie van de provincie gekozen. Door deze gebeurtenis als scheidslijn te nemen zouden eventuele veranderingen in de periode erna duidelijk waar te nemen zijn. De resterende periode die door de grafvelden bestreken wordt is zo gelijk mogelijk verdeeld waarbij er gekeken is naar zowel de duur van de fase als het aantal graven dat per periode voorkomt. Op deze manier kan er niet alleen gekeken worden naar mogelijke veranderingen in de grafgewoontes maar ook of een eventueel zwaartepunt ligt in de latere periode na de consolidatie van de Romeinse provincie Germania Inferior.

Trouwe tradities of toch…

Uitgebreid onderzoek laat zien dat met name in de grafvelden van rurale gebieden en inheemse groepen nauwelijks romanisering van het grafritueel te zien is. Een uitzondering is het grafveld aan de Molenberg. Het meest geromaniseerd is het stedelijke grafveld Noviomagus. De gemeenschap die hier hun doden een laatste rustplaats gaf was een rijkere elitegroep. De middelen en status die zij hadden zullen van invloed zijn geweest op het contact met een Romeinse cultuur. Men kon het zich bijvoorbeeld veroorloven luxe artikelen aan te schaffen en te incorporeren in de levenswijze.

Wanneer er naar de periodisering gekeken wordt lijkt het er inderdaad op dat de groeiende aanwezigheid van een Romeinse cultuur leidde tot een toename in de wijziging van het grafritueel. De meeste graven die een mate van romanisering lieten zien komen uit de tweede fase (85-150 n.Chr.) en hoewel het in de derde fase (151-270 n.Chr.) weer afneemt zijn er nog altijd meer graven met indicatoren voor romanisering uit de laatste periode dan uit de eerste fase. In tegenstelling tot tijd lijkt afstand tot de grens van de provincie niet van belang. Grafvelden die, zoals Hatert, dichtbij de grens of andere stedelijke centra lagen laten niet per definitie sporen van romanisering in het grafritueel zien.

Zoals verwacht laten de grafvelden met een militaire connectie wel romanisering zien, al is dat niet bij alle drie de grafveldonderzoeken even sterk naar voren gekomen. Bij de twee militaire grafvelden waar culturele beïnvloeding vastgesteld kon worden is het opvallend dat bij Romeinse graftypes niet noodzakelijkerwijs ook grafgiften met een Romeinse aard in aangetroffen werden. En militair gerelateerde giften zijn überhaupt nergens aangetroffen in deze grafvelden.

… behoudt van de eigen gewoontes?

Dit alles laat een zekere gelaagdheid of selectiviteit zien in wat men overnam uit een Romeinse cultuur. Er werd in ieder geval niet ineens massaal een nieuwe gewoonte geïntegreerd in de bestaande grafgewoontes, als het al gebeurde. Wanneer overname wel plaatsvond is het vaak duidelijk te koppelen aan de achtergrond van het grafveld. Inheemse groepen hielden over het algemeen lang en sterk vast aan hun eigen gewoontes.

Olielamp kindergraf Schebbelaarsveld

Olielamp kindergraf Schebbelaarsveld. Uit Heirbaut/Norde 2012, Romeinse graven aan de Sperwerstraat, 51.

Er zijn echter uitzonderingen waarvan de opvallendste te vinden is in het rurale grafveld van Schebbelaarseveld. Het betreft één kindergraf waarin een duidelijk Romeins getint object gevonden is, een olielampje. Omdat het hier om een jong kind gaat kan men er zeker van zijn dat hier de achterblijvers, en niet de overledene zelf, inspraak hadden in de giften die meegegeven werden in het graf. In dit geval mag men er dus van uit gaan dat men niet alleen kennis van de Romeinse grafrituelen had, maar deze ook actief toepaste. Waarom juist dit kindje het lampje meekreeg blijft helaas nog een raadsel.

Waardevolle graven

Uiteindelijk kunnen we een aantal zaken vaststellen. Mensen pasten zelfs in de roerige tijden waarin een andere cultuur sterk zijn opmars maakte, hun begrafenisgewoontes niet gemakkelijk aan. Wanneer het wel gebeurde was dit meestal gekoppeld aan een hogere status welke frequenter en intensiever contact met een nieuwe cultuur mogelijk maakte.

In zijn algemeenheid is duidelijk geworden dat een grafveld ontzettend veel informatie bevat. Geplaatst in een bredere context en vergeleken met andere grafvelden verschaffen ze inzichten in het gedrag van mensen door de eeuwen. Behalve de romanisering zijn er nog veel meer factoren die onderzocht kunnen worden om steeds een stapje dichter bij het begrijpen van de culturen uit het verleden te komen. Grafvelden zijn zeker geen dooie boel, maar een belangrijke en boeiende bron van informatie voor de toekomst!

Auteur:

Verder kijken en lezen:

  • De bron voor dit artikel is de scriptie Changing Customs (download PDF) geschreven door de auteur van dit artikel en aanwezig in de Digital Academic Repository van de Universiteit van Amsterdam. De literatuurlijst geeft de geraadpleegde werken per grafveld waarin gedetailleerde informatie te vinden is.
  • De scriptie Leven en sterven langs de Limes van E. Smits geeft meer inzicht in de grafgewoontes in de Romeinse tijd.
  • Interview met Richard Jansen van de Universiteit Leiden over de betekenis van plattelandsbegraafplaatsen.
  • Opnames van Huissen TV over de opgraving van een Romeinse tijd grafveld in Huissen.
  • Langs Limburgse Wegen bezocht het grafveld in Heel en maakte opnames. Dit grafveld viel helaas buiten de selectie in deze scriptie.
  • Van diverse opgravingen in Nederland die betrekking hebben op verschillende periodes en zich niet beperken tot grafvelden heeft het RMO ten slotte nog een mooie collectie beeldmateriaal samengesteld.

 

VN:F [1.9.22_1171]
Rating: 7.8/10 (12 votes cast)
Tradities tot in de dood. Onderzoek naar Romeinse grafvelden, 7.8 out of 10 based on 12 ratings

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *